02 oktober 2025

Vogelreis naar West-Papua in 2025 – een verslag!

West-Papoea 08-28 juli 2025

Afgelopen zomer reisde een bende enthousiaste STARLINGers af naar het verre West Papua. We hebben een lange en goede verhouding met de locatie, de mensen en precies ook wel de vogels, want ook nu weer werd het een succesvol verhaal. Bart schrijft zijn ervaringen van zich af in een mooi verslag!

Alle beelden op onze website zijn eigen werk en gemaakt door onze deelnemers en gidsen. Wat je ziet geeft dus een realistisch beeld van wat jij zelf kan zien, beleven en fotograferen op onze reizen.

Vertrek om 12 u in Oostnieuwkerke om Johan en Dominique thuis op te pikken en door te rijden naar Schiphol (18u; vrij ver files). We vliegen van Amsterdam naar Singapore (20u50 – 15u30/09 juli – duur 12u40 – 6 uur tijdsverschil), en vliegen direct door van Singapore naar Jakarta (18u30 – 19u20 – duur 1u50 – 1 uur tijdsverschil). In Jakarta vervoegen we ons met Tiny & Koen (via Abu Dhabi), Alain (1 dag vroeger vanuit Brussel) en de lokale gidsen Mehd en Oka, Stijn de zevende deelnemer. We nemen de nachtvlucht van Jakarta naar Jayapura op West-Papua (23u- 6u30/10 juli – duur 5 u – 3800 km – 2 uur tijdsverschil). We ontmoeten onze Belgische gids Lieven en zijn vriend Thomas als achtste deelnemer.

Het eiland is opgedeeld in twee stukken: West-Papoea (vroeger Nederland, thans Indonesië, maar nog steeds grote onafhankelijkheidsdrang) en Papua New Guinea. Samen is dit het grootste eiland na Groenland. Op West-Papoea leven slechts 800.000 mensen. Er is voorlopig weinig industrie (olie, mijnbouw (zeldzame metalen)). Na de Amazone is dit het grootste regenwoudbekken. De fauna en flora behoort tot de meest diverse ter wereld. Op gebied van vogels wordt de wereldkaart in 4 regio’s  opgedeeld qua evolutionaire divergentie van soorten: Eurasie, Afrika, de America’s en Oceanië. We verwachten dan ook veel nieuwe soorten (frogmouth, paradijsvogels, …), maar bepaalde algemene soorten komen er totaal niet voor (geen spechten bvb). Het wordt een uniek avontuur in een uitdagende omgeving en klimaat.

Na de landing om 6u30 vertrekken we richting Nimbokrang maar stoppen in de Sentani Grasslands (laaglandregenwoud rond Sentani Lake) om enkele vogels te spotten: we spotten golden-headed cisticola (goudkopgraszanger), pacific swallow (zuidzeezwaluw), shining flycatcher (zwarte monarch), great-billed mannikin / grand munia (dikbeknon), hooded mannikin (witbuiknon), sahul sunbird (sahoelhonin-zuiger), sacred kingfisher (heilige  ijsvogel), black-billed coucal / lesser black coucal (Bernsteins spoorkoekoek), white-shouldered fairywren (witschouderelfje), Brahminy kite (Brahmaanse wouw), moustached treeswift (witsnorboomgierzwaluw), willie wagtail (tuinwaaierstaart). Tevens veel vlinders, sprinkhanen, libellen.

We rijden door naar Nimbokrang op de enige asfaltweg gedurende twee uur en checken in Nimbo Guesthouse. Na de lunch maken we een wandeling in de buurt: we spotten de variable goshawk (grijs-rode havik), Gurney’s eagle (Molukse arend), fawn-breasted bowerbird (okerbuikprieelvogel), oriental dollarbird (dollarvogel), white-shouldered fairwaywren (witschouderelfje), crimson finch (zonastrild), streak-headed honeyeater (streekkaphoningeter). Om 14 u vertrekken we per auto om een nest Papuan frogmouths (reuzenuilnachtzwaluw) te zoeken: de ouder en een jong zijn op nest. Nadien gaan naar een hide in het (modderige) bos om de common paradise kingfisher (vlagstaartijsvogel) te spotten; we horen hem wel en er zitten er twee, doch ze dalen niet af om zich te laten fotograferen. Het begint fors te regenen: de vogels verdwijnen en wij druipen af. Onderweg worden we abrupt tegengehouden door een man die voor onze wagen springt; de chauffeur geeft hem gauw wat geld; blijkbaar herstelt hij de weg en verwacht hij steun van de mensen die voorbijkomen. Het land is nog heel arm, er is weinig werk, scholing en ontwikkeling en infrastructuur (amper wegen – grote delen van het land zijn nog ontoegankelijk). Ook onze guesthouse is vrij basic, ook als is het naar Papoeaanse normen vooruitstrevend (er is een toilet, een (vervuild bad met kakkerlakken die onder de rand kruipen) en een douche; het eten is er gekend als heel goed (wel 3 x daags rijst)). De mensen zijn wel vriendelijk en gedienstig. Tegen 18 u is het diner klaar. Gaan slapen om 20 u.

Op om 3u30 voor ontbijt. Vertrek om 4 u per auto naar het bos. We wandelen langs modderige paadjes en zoeken eerst de Wallace’s owlet-nightjar (Wallace’ dwergnachtzwaluw), maar tevergeefs. We dalen verder het bos en de modder in en installeren ons op zeteltjes in een ‘open plekje’ waar de twelve-wired BOP (twaalfdradige paradijshop) elke ochtend komt baltsen om een vrouwtje te imponeren. Het is nog donker, maar plots verschijnt hij op zijn gewoonlijke boomtakken. Hij roept en danst op en neer, maar krijgt geen vrouwtje overtuigd. Om 6u30 stipt geeft hij het op. Wij verplaatsen ons terug wat hoger in het bos en spotten: red-cheeked parrot (roodwangpapegaai), oriental dollarbird (dollarvogel), black-capped lory (zwartkaplori), pale-billed sicklebill (Bruijns sikkelsnavel; BOP), sahul brush cuckoo (sahoelstruikkoekoek), double-eyed fig parrot (dubbeloogvijg-papegaai), rufous-bellied kookaburra (roodbuikkookaburra), yellow-billed kingfisher (kleine geelsnavelijsvogel), black sunbird  (fluweelhoningzuiger), orange-bellied fruit dove (oranjebuikjufferduif). We vertrekken terug naar de plaats van gisterenmiddag per auto en stoppen onderweg voor een jobi manucode (jobiparadijskraai),  Meyer’s friarbird (dwerglederkop), Boyer’s cuckooshrike (witteugelrupsvogel) en black-browed triller (zwartbrauwtriller). We rijden door naar de hide voor de common paradise kingfisher (vlagstaartijsvogel); vandaag komt hij direct eten en showen. Op de terugweg zien we nog een Brahminy kite (Brahmaanse wouw) en een yellow-faced myna (Papoeamaina).

Na de lunch een korte siesta, waarna terug naar de grasslands. We spotten brown quail (bruine kwartel),  grand munia / great-billed mannikin (dikbeknon), chestnut-breasted mannikin (bruinborstrietvink),  hooded mannikin (witbuiknon), crimson finch (zonastrild), sacred kingfisher (heilige ijsvogel), variable goshawk, (grijs-rode havik),white-shouldered fairwaywren (witschouderelfje ), willie wagtail  (tuinwaaier-staart). We rijden terug richting bos en spotten oriental dollarbird (dollarvogel), lesser bird-of-paradise (kleine paradijsvogel), Blyth’s hornbill (Papoea-jaarvogel), yellow-faced myna (Papoeamaina), … en sluiten de avond af met de Papuan nightjar (Papoeanachtzwaluw), die vrij snel heel dicht landt. Diner om 19 u en vroeg in bed. De weer- en vogelgoden zijn ons vandaag gunstig gezind geweest.

Ontbijt om 4 u, maar we zijn een uurtje vroeger op. Om 4u30 terug het bos in om tegen zonsopgang de lesser bird-of-paradise (kleine paradijsvogel) te zien: in vol ornaat komen drie mannetjes baltsen voor drie vrouwtjes; uiteindelijk zal een mannetje paren met een vrouwtje, hoog in de kruintop. Een waar spektakel om deze kleurrijke vogels hun danskunsten te zien opvoeren. Bij de terugkeer uit het bos zie we nog heel kort de ochre-collared monarch (roodhalsfranjemonarch) en horen we van heel dichtbij de white-eared catbird (witoorkatvogel), maar hij komt niet uit het struikgewas. Eens terug op de weg spotten we nog orange-bellied fruitdove (oranjebuikjufferduif), jobi manucode (jobiparadijskraai; BOP), … . We bezoeken nog het landhuisje van de baas van ons guesthouse in Bunyom alwaar een northern cassowary (oranjehalskasuaris) rondloopt op het erf; hij is relatief tam, maar nog gevaarlijk; een tweede ouder en meer te geduchten exemplaar zit op een klein stukje omheinde grond. Indrukwekkende beesten met indrukwekkende poten. Er is ook een sulphur-crested cockatoo (grote geelkuifkaketoe) aan een ketting. In de bomen zit de kleinste papegaai ter wereld: de buff-faced pygmy parrot (Sclaters spechtpapegaai; 9 cm). Onderweg stoppen we nog in de grasslands, doch het wordt bloedheet en we zien dan ook niet veel wildlife meer: een long-tailed honey buzzard (Nieuw-Guinese wespendief) in interactie met een variable goshawk (grijs-rode havik). De afgeworpen huid van een verpopte cicade wordt het sluitstuk van de voormiddag, die eindigt om 11 u. Tegen 12 uur is de lunch genuttigd en is er siesta. Om 14 u vertrekken we terug voor spotting aan de rand van het bos: we zien de pale-billed sicklebill (Bruijns sikkelsnavel; BOP), red-cheeked parrot (roodwang- papegaai), tawny-breasted honeyeater (taanborsthoningeter), northern fantail (streepborstwaaierstaart), twelve-wired BOP (twaaldradige paradijshop), wompoo fruitdove (wompoejufferduif), orange-bellied fruitdove (oranjebuikjuffer-duif), moustached treeswift (witsnorboomgierzwaluw), …. Een deel van de groep was dieper in het bos getrokken om de blue-black kingfisher (blauw-zwarte ijsvogel) te vinden, doch tevergeefs. Het begint te regenen en we verplaatsen ons per auto naar een uitkijkpunt (Beneik) met panoramisch uitzicht over het heuvelrijke bos met wolkenslierten die voorbijdrijven. Ter plaatse zitten niet veel vogeltjes (enkel red-capped flowerpecker (Papoeahoningvogel)), maar we zien vrij veel voorbijvliegen of in de verte op boomtoppen: lowland peltops (bospeltops), Blyth’s hornbill (Papoea-jaarvogel), sulphur-crested cockatoo (grote geelkuifkaketoe), black-capped lory (zwartkaplori), channel-billed cuckoo (reuzenkoekoek), jobi manucode (jobi-paradijskraai; BOP), yellow-faced myna (Papoeamaina), …. . Bij valavond besluiten we terug in het bos te trekken om eventuele nachtvogels of slapende vogels te zien: behalve enkele kikkertjes en een vleermuis zien we echter geen grotere nachtdieren op uurtje stappen in het donker (weliswaar vertraagd door de modderige onderweg). We keren terug voor het avondmaal en gaan slapen rond 21 uur.

Ontbijt om 4u30 (frieten met gebakken rijst en omelet – 3 x daags rijst – alles te eten met lepel en vork, er worden geen messen gebruikt) en vertrek om 5 uur het bos in voor het spotten van de kunstjes van de king bird-of-paradise (koningsparadijsvogel; BOP). Het is een uur wandelen in het bos tot aan de lek. Het duurt vrij lang voor de king BOP (king bird-of-paradise) tevoorschijn komt, hoog in het bladerdek.  Hij is snel weer weg. Het is wachten tot een vrouwtje langskomt vooraleer hij zijn pluimage toont en danst – vrij hoog, maar toch een heel mooie observatie. Bij het terugkeren installeren de dragers (zitstoeltjes) en lokale gidsen een hide van rotan die ze met machete ter plekke hakken en lokken de Papuan pitta (Papoeapitta); er is respons van twee pita’s, maar uiteindelijk komt geen beiden na een uur. We besluiten terug te keren. Onderweg nog stoppen voor een Papuan babbler (Papoeababbelaar), enkele vlinders, bloemen en plantjes. Een mooi bos met een mooie ondergrond, wel nog modderig.

Na de lunch vertrekken we om 14u30 voor een wandeling op een asfaltstrook die is aangelegd midden een bos maar ongebruikt is. We spotten: sulphur-crested cockatoo (grote geelkuifkaketoe), red-capped flowerpecker (Papoeahoningvogel), Pinon’s imperial pigeon (Pinons muskaatduif), rufous-bellied kookaburra (roodbuik-kookaburra), helmeted friarbird (Timorhelmlederkop), brown lory (Duyvenbodes lori), oriental dollarbird (dollarvogel),brown oriole (bruine wielewaal), black sunbird (fluweelhoningzuiger), black butcherbird (zwarte orgelvogel), planthopper (lantaarndrager), flying fox (echte vleerhond), … en vele vlinders, spinnen, …. Bij het invallen van de duisternis proberen we de marbled frogmouth (gemarmerde uilnachtzwaluw) te lokken: er antwoorden er twee aan weerszijden van het straatje, doch niet dicht genoeg om ze te zien in het dense gebladerte. Rond 20 uur keren we huiswaarts voor het avondmaal.

Er zijn blijkbaar nog veel tribale twisten, resulterend in geweld, soms met dodelijke afloop; de redenen zijn vaak (1) twist over een vrouw en (2) twist over landeigendom (vaak wordt gebied van een stam ingenomen door mijnbouwers of houtkappers en wordt het afgenomen land aangevuld met land van een naburige stam). Ook om paradijsvogels te gaan bekijken moet een bedrag betaald worden aan het stamhoofd – deze heeft vaak afspraken met een birding organisatie en anderen kunnen dan vaak niet gaan kijken, ook niet tegen betaling. In bepaalde streken worden buitenlanders nog vijandig bekeken en aanzien als aanhangers van de Indonesische staat, en komt er te weinig geld naar de lokale bevolking; daarom zijn bepaalde streken nog steeds gevaarlijk voor buitenlandse toeristen, en gaan de meeste reisorganisaties er niet meer naar toe. Enige tijd terug is een alleenreizende Australische piloot gekidnapt en gedurende 2 jaar van de ene stam naar de andere overgebracht. Ze hoopten op in inmenging van de Australische staat om hun onafhankelijkheidseisen te versterken, doch Australië ging niet in op hun vraag.Uiteindelijk is hij na 2 jaar vrijgelaten.

Ontbijt om 5u30 en vertrek naar de luchthaven om 6u (ruime marge om gebeurlijke ongevallen (omgevallen boom, …) op te vangen) via Sentani. Even stoppen aan Sentani Lake voor een panoramisch zicht over het meer en de omgeving. De vlucht van Jayapura naar Manokwari van 10u20 is met een uur vertraagd (duur 1 1/2 uur).  We eten een typische Indonesische lunch me veel vis en vleesgerechten met  veel paprika’s en rijst. Met 4×4’s rijden we het Arfak gebergte op het schiereiland Vogelkop in. Tegen 17 u nemen we onze intrek in het guesthouse Kampong  Menggre (een klein bergdorpje). Nog wat verkennen, avondeten en nog een nachtwandeling. We proberen de Papuan boobook (bruine boeboekuil) te vinden langs de weg. Drie exemplaren antwoorden, waarvan er een vrij dichtbij, doch achter een boomtak zodat zijn chocoladekleurig vederkleed niet tot uiting komt. Morgen beter. Om 21u30 gaan slapen; de temperaturen zijn hier Belgisch (we vertoeven op 1700 m hoogte; wel luchtvochtigheid even hoog als Nimbokrang). De accommodatie is basic, de modderkleur en -geur begint de overhand te nemen.

Ontbijt om 4u30 en vertrek om 5u. De groep wordt in twee gesplitst omdat de hides slechts plaats biedt voor 5 personen. Deze morgen volg ik de hide voor de superb BOP (greater lophorina; kraagparadijsvogel). Het duurt even voor er activiteit is, en eerst wordt de Vogelkop scrubwren (Vogelkopstruiksluiper) gespot, gevolgd door de green-backed robin (groene struikvliegenvanger). De superb bird-of-paradise (POB-kraagparadijsvogel) komt dan eten aan het fruit dat er geplaatst is, een eerste keer schuchter, uiteindelijk 4-5 maal; de laatste keer toont hij zijn dansje op een boomstam, maar geen full display. Wel een mysterieuze vogel met een groenblauwe vederkraag. Het vrouwtje Western parotia (Arfakparotia) komt ook 3 x eten van de vrucht. Op het einde van de voormiddag bezoeken we het prieeltje van een Vogelkop bowerbird (bruine tuiniervogel); een bruine vogel zonder veel kleur en die dit compenseert met het grootste prieel, die hij versiert met allerlei voorwerpen; deze met bijeengesprokkelde plastic resten, mooi gesorteerd volgens kleur; ingenieus en merkwaardig.

Na de lunch spotten we op ons terras een long-tailed honey buzzard (Nieuw-Guinese wespendief); we bezoeken ook de gevangen en gekooide grizzled tree-kangaroo (grijze boomkangoeroe – ICUN Vulnerable) die onze guesthouse eigenaars  als huisdier houden. We brengen een kort bezoek aan de roestplaats van twee unieke exemplaren: de feline owlet-nightjar (rosse dwergnachtzwaluw) en de mountain owlet-nightjar (bergdwergnachtzwaluw) – twee soorten op de kruising tussen uil en nachtzwaluw; elke dag zoeken ze een andere roestplaats; merkwaardig hoe de lokale gidsen die vinden (volgens hen aan de droppings op de paden?!). Terug thuis spotten we in de tuin een ornate melidectes (ornaathoningeter). We gaan te voet naar de hide voor de western parotia (Arfakparotia): het mannetje laat zich twee maal zien – de eerste maal om de dansvloer schoon te maken voor zijn dansje, de tweede maal om van de vruchten te eten. Eveneens een heel bizarre vogel. Nadien gaan we naar de fruit hide, en spotten de black-billed sicklebill (geelstaartsikkelsnavel; f) en de black sicklebill (zwarte sikkelsnavel; f). Een indrukwekkende dag van ongekende exemplaren.

Ontbijt om 4u en vertrek om 4u30 naar het uiteinde van het gebied Menggre – een rit van hoogtes en laagtes gedurende 45 min. Nadien duiken we het bos naar de hide voor magnificent riflebird (prachtgeweervogel, BOP). Kort na zonsopgang verschijnt deze grote zwarte vogel met blauwe keel en staartveren op een boomstam om te roepen naar een vrouwtje; tevergeefs, tot tweemaal toe. Nadien verdwijnt hij. We verplaatsen ons naar de hide voor de magnificent bird-of-paradise  (geelkraag-paradijsvogel); onderweg wordt ons nog de Vogelkop owlet-nightjar  (Vogelkopdwergnachtzwaluw) getoond door de lokale gids in een spleet hoog in een boom. De hide voor de magnificent BOP (geelkraagparadijsvogel) is klein, steil en glibberig; het vrouwtje toont zich eerst, gevolgd door een schicht van het mannetje (niet te fotograferen). Nadien komt het vrouwtje nog eenmaal heel kort. We keren een eind te voet terug en spotten een shining bronze cuckoo (gouden bronskoekoek), mountain peltops (bergpeltops), double-eyed fig parrot  (dubbeloogvijgpapegaai). Verder vele mooie plantjes, vlinders, spinnen, sprinkhanen en libellen. Een mooie wandeling.

Na de lunch gaan we naar de fruit hide in de tuin bij het guesthouse en spotten Pacific/eastern koel (Australische koël, f.), Arfak/ashy robin (harlekijnstruikvliegen-vanger), black-billed sicklebill (geelstaartsikkelsnavel ; f) en de black sicklebill (zwarte sikkelsnavel; f), superb BOP (kraagparadijsvogel; f), western parotia (Arfakparotia; f). We zien nog de Papuan treecreeper (Papoeakruiper) met veel tegenlicht; Johan ziet op de terugweg nog de Papuan king parrot (groenvleugel-koningsparkiet).

We zouden eerst naar de masked bowerbird (zwartmaskerprieelvogel) gaan kijken, maar dit ligt op het grondgebied van het naburige dorp Sioubri. Een tijd terug maakte het stamhoofd van Menggre een afspraak met het stamhoofd van Sioubri: in ruil voor een paar varkens kreeg Menggre ook rechten om de hide van de masked bowerbird te gebruiken, omdat ze ook een hide op het grondgebied Menggre hadden gebouwd. Enige tijd terug is evenwel het stamhoofd van Menggre in de stad vermoord met een machete. De zoon nam het bestuur over, maar lapte de afspraken van zijn vader aan zijn laars: twee dagen geleden maakten ze de hide van de Sioubri met de grond gelijk en vermoorden de paradijsvogel op hun grondgebied. Om die reden mogen wij als logees in Menggre niet naar de hide in Sioubri voor de masked bowerbird, ook niet na een dag onderhandelen, en moeten we onze plannen wijzigen. Ontbijt om 4u30 voor een tweede hide voor de magnificent BOP (geelkraag-paradijsvogel). We spotten een vrouwtje en een juveniel mannetje na een tijd wachten. We zien ook de long-billed honeyeater (langsnavelhoningeter), white-rumped robin (witstuitstruik-vliegenvanger), lesser ground robin (kortstaartlijstervliegenvanger), maar verder niets. We keren terug naar ons guesthouse voor een vroege lunch. We spotten er nog de yellow-faced myna (Papoeamaina) op de uitkijktoren in de tuin. Lunch tegen 11 uur.

We vertrekken voor een rit van 2 uur naar het Anggi Gigi meer in het Arfak-gebergte op 1950 meter. Een mooie rit door de bergen, waarbij we tot 2400 m rijden in een mooi landschap. We stoppen in het dorpje bij het ziekenhuis om steriel verzorgings-materiaal voor het been van Matthias te kopen; ondertussen spotten we iconische endemen: een flock grey-banded mannikin / grey-banded munia (Arfaknon). Aan het meer spotten we de little pied cormorant (kleine bonte aalscholver), Pacific black duck  (wenk-brauweend), red-collared myzomela (zwartkopdwerghoningeter) en Papuan grassbird (Papoaegrasvogel). Het begint evenwel fel te regen en we keren terug in een ander decor: grote delen van de weg zijn weggespoeld, hier daar zelfs een stuk in het ravijn met enkele heel risicovolle stukken. Gelukkig keren we heelhuids terug. Om 18 u zijn we terug in de guesthouse, net voor valavond.

Deze morgen terug op om 4u40 en vertrek om 5u voor spotten van de magnificent riflebird (prachtgeweervogel) en de magnificent bird-of-paradise (geelkraag-paradijsvogel), in de hoop betere foto’s te hebben voornamelijk van het mannetje magnificent BOP. Na een uur wachten in de hide voor de magnificent riflebird (prachtgeweervogel) die we constant horen zingen, maar niet zien, begint het te regenen, steeds harder en harder. We zien en horen niets meer. Na twee uur verplaatsen we ons naar de hide voor de magnificent bird-of-paradise (geelkraag-paradijsvogel): we zien het vrouwtje mooi, doch het schuwe mannetje zien we 6x gedurende enkele milliseconden – onze synapsen kunnen niet volgen, dus geen foto’s, enkel een afdruk op onze retina. Het begint zo hard te regenen dat het lekt in de hide. Om 13u vertrekken we met de poncho voor de lunch. Omwille van het weer geen programma deze namiddag. De weg naar het Anggi Giji meer blijkt volledig afgesloten te zijn; gisteren hebben we geluk gehad.

Op West- Papua zijn 250 verschillende talen, elk met dialecten. De gemeenschap-pelijke taal is Indonesisch. In verlaten bergdorpen spreken de oudsten liever geen Indonesisch, doch wel Nederlands. De stammen bestaan dus nog wel, de dorpen verschillen sterk in ontwikkeling van dorp tot dorp (opsommige plaatsen zijn alle huizen reeds in steen, op andere nog veel houten paalhuizen). De landbouw begint schoorvoetend hier en daar, meestal door vrouwen. Industrie is er niet, wel wat bouw. GSM is er overal, vaak met zonnepaneel op houten huisje. Meestal geen lopend water, geen toilet, wel delen van de dag electriciteit in de bergdorpen. Als je logeert in een dorp, kan je niet op toeristische uitstap naar een naburig dorp. De Papuanen zijn deel katholiek, deels moslim. De katholieken gaan naar de mis in eigen dorp, maar worden niet verwacht in de kerk van de buren. Omstreeks 15 uur klaart het op; we gaan nog eens naar de hide van de Western parotia (Arfakparotia) vlakbij de guesthouse. Het mannetje komt een paar dansjes opvoeren op de dansvloer die hij eerst schoonmaakt en ontdoet van alle blaadjes. Af en toe komt een vrouwtje kijken om wat van het fruit te eten; ze heeft minder oog voor zijn dansjes; hij jaagt ze snel achterna. Zo toch nog een mooie dag.

Op om 2u en vertrek om 2u30 met de auto naar Sioubri voor de beklimming van een berg in  de bossenvan het naburige (vijandige) dorp via een smal en bij momenten steil bergpad vanop zo’n 1500 m naar 2200 meter voor het baltsen van het mannetje black sicklebill (zwarte sikkelsnavel). Om 3u10 vertrekken we met wandelen met onze dragers en gids Zeth, de man die in 1996 alle paradijsvogels van West-Papua op een maand tijd aan David Attenborough en de BBC heeft getoond voor hun legendarische reportage. Sindsdien is hij een bekend natuurgids die meerdere grote namen heeft begeleid (Laman, …). Hij heeft het German Camp opgebouwd, doch is wat in opspraak gekomen door een ongeval met toeristen veroorzaakt door zijn alcohol-verslaafde zoon. Hijzelf brak zijn twee benen; het German Camp wordt sindsdien niet meer of nauwelijks uitgebaat. Hij wandelt wel nog mee, en gidst nog. Onze dragers lopen blootvoets door de modder en plassen en over de keien.

Het eerste deel van onze tocht is relatief minder steil doch nog glibberig door de overvloedige regenval, het tweede deel is echt steil, het derde deel is terug wat vlakker. Om 4u45 komen we aan in het German Camp. Van daaruit nog 45 minuten wandelen naar de hide. We zitten juist op tijd geïnstalleerd in de hide als de eerste ochtendschemering begint. Kort daarna begint de black sicklebill te roepen, en weldra bij het eerste gloren gaat hij zitten baltsen op een kale stam, gedurende 15 minuten. Een waar spektakel voor een vogel met een zeer lange staart en een lengte van 1 meter. Hij keert zijn iridescente veren nagenoeg binnenstebuiten met blauwzwart als boventonen. Het doet wat denken aan de grote trap. Gezien regenachtig weer breekt hij zijn balts af na 15 minuten en vliegt weg. We dalen af en bezoeken de hide voor de long-tailed paradigalla (langstaartparadigalla; BOP). Gedurende 4-5 wachten we; we zien enkel een kleine glimp van hem tussen de bladeren. Op de Pandanus conoideus (marata) komen evenwel gekende gasten: Western parotia (Arfakparotia; f), superb BOP (kraagparadijsvogel; f), black sicklebill (zwarte sikkelsnavel; f), Pacific koel (Australische koel ; f).

Om 14 u vertrekken we uit de hide. Een tropische regenbui komt over ons neer. Eens terug bij de startplaats beginnen onderhandelingen met Zeth over de prijs van onze aanwezigheid in Sioubri. Hij voelt zich gepasseerd dat mensen die in Menggre logeren, portiers organiseren op zijn eigendom, en vraagt een vrij hoge prijs; na onderhandelen door Lieven, wordt dit gemilderd. Om 15u30 komen ze ons halen met de wagen vanuit Menggre. Om 16 uur verlaten we de guesthouse, richting Manokwari en nemen onze intrek in hotel Aston na 2 uur rijden. Wat opfrissen en diner en moe maar voldaan gaan slapen.

Ontbijt om 6 uur en vertrek om 7 uur naar de luchthaven van Manokwari voor de vlucht naar Sorong van 9u20 (duur 35 minuten), doch een uur uitgesteld. We landen tegen lunchtijd en gaan eerst lunchen. Nadien 50 km rijden, vnl langs de kust op een weg vol kleine en grote putten. We komen aan in Malagufuk omstreeks 3u. Via een wandelpad door het bos worden we naar het dorp gebracht met een lokale gids die ons onderweg de vogels diep in het bos aantoont: coconut lorikeet (regenbooglori), metallic starling (violette purperspreeuw), Papuan eclectus (Papoea-edelpapegaai), golden myna (goudborstmaina), large fig-parrot (Desmarests vijgpapegaai), rufous owl (rosse boeboekuil), Blyth’s hornbill (Papoea-jaarvogel). Het dorp bevat ook een aantal tenten en houten huisjes voor toeristen zoals wij. Onze tent op houten palen is basic: een luchtmatras met muskietnet en een stopcontact, evenwel geen licht. Eten doen we op de gemeenschappelijke patio.

Na het avondeten maken we een nachtwandeling om de echidna (mieregel) te zoeken. Een lange tocht in het bos 20u – 23u15). We vinden hem niet, maar vinden er wel sporen van. Wat zien we wel: een lemon-bellied flyrobin (citroenbuik-vliegenvanger – slapend op een takje), een thick-billed ground-pigeon (grijze grondduif), een Northern common cuscus (witte koeskoes), een kikker, een hagedis, een python van 4 m, een speckled dasyure (Lorentzbuidelmuis). Een tweede groepje doet een wandeling in het dorpje om de marbled frogmouth (gemarmerde uilnachtzwaluw) te spotten, naaste andere dingen. Uitgedroogd en uitgeput gaan we iets voor middernacht slapen.

Op om 4u en vertrek om 4u30 door het bos over de heuvelrug (1u15min stappen) naar de hide van de twelve-wired BOP (twaalfdradige paradijshop); hij komt mooi dansen op zijn paalstok. Na een uurtje vertrekken voor de volgende: de lesser BOP (kleine paradijsvogel); een vijftal vliegt hoog in de bomen te paraderen met hun pluimstaart. Volgende station: de king BOP (koningsparadijsvogel), die nu mooi zijn

display toont, een ware streling voor het oog. We zien de red-breasted paradise-kingfisher (rode vlagstaartijsvogel), de blue-black kingfisher (blauw-zwarte ijsvogel), maar deze laatste niet kunnen fotograferen. Verder nog een wompoo fruit dove (wompoejufferduif), een salamander, millipedes, plantjes en paddestoelen. Een lastige wandeling: bergop-bergaf door de modder bij hoge temperaturen en 100% luchtvochtigheid. Ik raak gedeshydrateerd en ontzout (spierkrampen). Thomas voorziet mij van een ORS-oplossing. Niettemin een mooie tocht: vogels spotten is arbeiden in West-Papua.

Na de lunch, manuele douche en bijdrinken, gaan we naar de pitta hide om 14u30. Er worden wormen opgegraven door de lokale gids en op een boomstam gelegd. Met het muziekje worden de Eastern hooded pitta (Nieuw-Guinese kappitta) en Papuan pitta (Papoeapitta) gelokt. Ze antwoorden van op verre afstand en komen geleidelijk dichter. Uiteindelijk komen beiden op de boomstam en eten ze wormen, evenwel niet samen. Twee mooie schichtige vogels, de Papuan pitta met het mooiste kleurenpatroon.  Op de terugweg proberen we nog de blue-black kingfisher (blauw-zwarte ijsvogel) te lokken, doch tevergeefs.

Na het avondeten maken we nog een wandeling op de boardwalk. We zien een Northern common cuscus (witte koeskoes), een slapende gerygone (mangrove-zanger), crickets (krekels), cockroaches (kakkerlakken), walking stick (wandelende tak), wallaby (wallaby, 3 stuks), Papuan babbler (Papoeababbelaar), speckled dasyure (Lorentzbuidelmuis),  …. Een mooie afsluiter van de dag.

Ontbijt om 5 u en vertrek om 5u30 naar de hide voor de magnificent riflebird (prachtgeweervogel). Het duurt een uur vooraleer hij op zijn boomstam verschijnt. Hij blijft wel een half uur zingen en zijn blauwe keel tonen. Dan vliegt hij weg, vandaag keert hij niet terug. We vertrekken naar een watchtower voor de king BOP (koningsparadijsvogel); hij is moeilijk te zien, de lokale gids kan enkele mooie foto’s nemen. Rond de watchtower zien we de fril-necked monarch (witborstfranje-monarch) en green-backed honeyeater (brilvogelhoningeter), de laatste heeft er een piepklein nestje. Op onze terugweg spotten we nog enkele bosvogels: rainbow lorikeet (lori van de Blauwe Bergen), sulphur crested cockatoo (grote geelkuifkaketoe), golden myna (goudborstmaina), Moluccan king parrot (Molukse koningsparkiet), sacred kingfisher (heilige ijsvogel). Lunch en siesta tot 15 u. Om 13u30 begint het fel te regenen tot 1 minuut voor 15 u, waarna terug stralende zon.

Om 15 u vertrekken naar een andere hut voor de pitta, in een modderig en glibberig bos. De wormpjes worden geïnstalleerd op een boomstronk voor de hide en het muziekje van de Papuan pitta (Papoeapitta) wordt afgespeeld. Na 10 minuten duikt hij op vanachter de hide en komt hij tevoorschijn om wormen te eten en zich te laten vereeuwigen. Een uitgebreide toneeluitvoering, waar we verstomd zitten naar te kijken. Nadien proberen we nog de blue-black kingfisher (blauw-zwarte ijsvogel) te zoeken, doch andermaal tevergeefs.

Diner om 19 u en avondwandeling op de glibberige boardwalk om 20 u. We zien o.a. marbled frogmouth (gemarmerde uilnachtzwaluw), gekko, motten, walking stick (wandelende tak); de Papuan boobook (Bruine boeboekuil) wordt gelokt, gehoord maar niet gezien; snail, cricket (krekel), crab spider (krabspin), fruitbat (fruitvleer-muis), … een heel mooi gekleurde Northern common cuscus (witte koeskoes).

 

Om 5u ontbijt en om 6 u uitchecken  uit de tent het dorpje in het bos rond Malagufuk. Het waren fysiek lastige dagen voor iedereen, gezien de drukkende warmte, vochtigheid en modder in het bos en het gebrek aan ons gebruikelijk comfort. Toch heeft iedereen veel sympathie voor de gidsen en de lokale mensen en veel respect voor de moeilijke omstandigheden waarin zij leven. Ze begeleiden ons via de boardwalk uit het bos (3 km) en spotten nog voor ons: twelve-wired BOP (twaalfdradige paradijshop), fril-necked monarch (witbuikfranjemonarch), white-bellied cuckooshrike (Papoearupsvogel), tree hopper (bochelcicade), en dan plots toch de door Lieven en Thomas overal gezochte Western crowned pigeon (kroonduif – waarvoor we evenwel het water overmorgen via een boomstam), coconut lorikeet

(regenbooglori), Papuan babbler (Papoeababbelaar), helmeted friarbird (Timorhelm-lederkop), spangled drongo (glansvlekdrongo). Om 9u30 vertrekken we richting Sorong met 4×4 wagens; rond 11 uur nemen we een snelle lunch (inclusief ijsje).

Tegenaan 13 uur zijn we aan de haven van Sorong (nog een panoramische fotostop plus Gurney’s eagle (Molukse arend)) voor de overtocht naar Waigeo per ferry. De tocht duurt een tweetal uur; het verblijf op het achterdek is overbevolkt, maar toch verfrissend bij een zeebries met deze heel warme temperaturen. We spotten op het kalme water enkel de lesser frigatebird (kleine fregatvogel) en enkele vliegende vissen. Waigeo is een van de vier Raja Ampateilanden of Viervorsteneilanden ten westen van Vogelkop (Waigeo, Batanta, Salawati en Misool (en een aantal kleinere)).

Eens aan land rijden we met wagen naar ons verblijf voor de komende 3 nachten: Raflow Resort. Onderweg stoppen we nog voor de moustached treeswift (witsnorboomgierzwaluw), Pacific swift (Siberische gierzwaluw), white-breasted woodswallow (witborstspitsvogel), rufous-bellied kookaburra (roodbuikkookaburra; f), sacred kingfisher (heilige ijsvogel), oriental dollarbird (migrating subspecies; dollarvogel). Onze kamers zijn houten huisjes op het strand, met douche, toilet, electriciteit en wifi: zoveel comfort maakt een Europese mens blij. Een steiger loopt van het resort in zee uit: de beach kingfisher (hagedisijsvoogel) kijkt toe, de willie wagtail (tuinwaaierstaart) die zijn nest onder de steigerheeft gemaakt, fluit bezorgd. Verder is er een mooi gekleurde Waigeo spotted cuscus (Waigeo cuscus – ICUN Vulnerable) hoog in een boom in de tuin naast ons; ernaast zit een hooded butcherbird (Papoea-orgelvogel). Lunch om 19 u na uitgebreide douche; de bos-kledij wordt naar de laundry gebracht, de geur van de bosmodder is te overheersend in de kamer en te penetrant in ons neusslijmvlies. Vanavond geen wandeling, vroeg in bed en krachten opdoen na het bosavontuur.

Ontbijt om 4 u, vertrek om 4u30 naar de hide voor de Wilson’s bird-of-Paradise (Wilsons paradijsvogel). Geduldig wachten we meer dan twee uur, maar de vogel laat zich niet zien. We wandelen wat rond de hide en zien: yellow-breasted boatbill (geelborstbootsnavel), Papuan eclectus (Papoea-edelpapegaai; f), shining flycatcher (zwarte monarch; m) en willie wagtail (tuinwaaierstaart). We rijden wat verder naar een vijvertje aan het lokale voetbalveld, alwaar een nest van de Papuan frogmouth (reuzenuilnachtzwaluw) met jong, nagenoeg niet te onderscheiden van de dode takken waar ze als geparalyseerd op zitten – een iconisch beeld. Verder ook nest van shining flycatcher (zwarte monarch; f). We rijden nog iets verder en maken een wandeling in het bos: we zien een red bird-of-paradise (rode paradijsvogel) snel

voorbijvliegen, rainbow bea-eater (regenboogbijeneter), Sultan’s cuckoo-dove (sultanskoekoekduif), northern fantail (streepborstwaaierstaart), blue weevil (blauwe snuitkever). Het wordt bloedheet en tegen 12 uur keren we terug naar Raflow Resort voor lunch.

Het is bloedheet; de namiddagwandeling wordt afgeschaft en we varen met een bootje 45 minuten naar het eilandje Palau Merpati op 30 km van ons resort, waar de koralen mooi zijn om te snorkelen. Eerst doen we wat spotting van zeldzame vogels: olive honeyeater (zilveroorhoningeter), varied honeyeater (wielewaalhoningeter), island whistler (eilandfluiter), supertramp fantail (Kleine-Soendawaaierstaart) en

violet-necked lory (violetneklori). Stuk voor stuk unieke soorten en niet aanwezig op Waigeo. Het eiland heeft enkele lokale bewoners, die in vrij sobere omstandigheden op dit minuscule eilandje leven. Kinderen gaan er niet naar school, een dokter/vroedvrouw kan langskomen op vraag, ze verbouwen wat groenten, maar moeten rijst laten aanvoeren.  Er woont ook een vriendelijke Française uit Perpignan die

hier een duikresort uitbaat. We snorkelen een uur in de koralen voor het eiland; de koralen zien er vrij goed uit en het wemelt van de kleine vissen in alle kleuren; we zien papegaaivissen, een moray eel (murene), twee zwartpuntrifhaaitjes, … . Een belevenis die indruk maakt omwille van de schone ongereptheid. Tegen duisternis zijn we terug thuis. Rap een douche, diner en in bed.

Ontbijt om 4 u, vertrek om 4u30 naar een andere hide voor de Wilson’s bird-of-Paradise (Wilsons paradijsvogel) en red bird-of-paradise (rode paradijsvogel). Het is een langere wandeltocht, bergop; iedereen nat van het zweet bij aankomst in de hide. Bij het krieken van de dag verschijnt de Wilson’s BOP (Wilson’s paradijsvogel): hij begint onmiddellijk bladeren op te ruimen om zijn lek schoon te maken. We zien hem langdurig heen en weer springen bij zijn schoonmaak. Plots daagt een juveniele mannetje op en begint hij zijn full display met groene kraag incluis, net zoals hij de vrouwtjes imponeert. Het jonge mannetje verdwijnt snel. Rond 9 uur dalen we terug af; we proberen de Raja Ampat pitohui (Raja-ampatpitohui) te lokken, maar hij komt niet dicht. We rijden nog eens tot aan het voetbalveld; we zien Papuan eclectus (Papoea-edelpapegaai), terug de shining flycatcher (zwarte monarch; f) mooi op nest en de Papuan frogmouth (reuzenuilnachtzwaluw) met jong in een nog mooiere compositie. Verder nog twee coconut lorikeets (regenbooglori), en een metallic starling (violette purperspreeuw).

We rijden naar het Raflow Resort en vertrekken per boot naar atol Palau Friwenbonda. We snorkelen een tweetal uur langs en door mooi gekleurde koralen (heel zonnig) en zijn tientallen verschillende visjes in alle denkbare kleurschakeringen en in groten getale. Een ware lust voor het oog! We lunchen op het kleine strand en trekken verder naar Kabui, alwaar een dozijn kalkrotsen uit het niets opstijgen in het water en enkele verscholen endemische vogels herbergen. Een idyllisch panorama vanop zee. De wolkenworden duister en met onweer beladen, we gaan snel aan wal om de trap van 235 treden op te lopen voor overzicht vanuit de hoogte. We zien een white-bellied sea eagle (witbuikzeearend), Brahminy kite (brahmaanse wouw), hooded butcherbird (Papoea-orgelvogel) en een palm met 8 violet-necked lories (violetneklori). Het begint te donderen en te regenen. We snellen de trap af, hijsen ons in het bootje en keren huiswaarts. Tegen 16u30 zijn we terug, het onweer neemt af. Tijd voor een douche en wat op adem te komen. Stijn en Tiny spotten nog een dugong (doejong / Indische zeekoe) op de pier. Diner om 19 uur en om 20u30 naar bed.

 

Ontbijt om 4 u, vertrek om 4u30 naar een de hide van gisteren, maar nu voor de red bird-of-paradise (rode paradijsvogel). Het klimmen loopt tot halfweg gelijk, daarna slaan we links af 150 m verder bergop. De hide is groot, het spektakel ook. Na zonsopgang komen een viertal vrouwtjes in de bomen en 12-15 mannetjes (een viertal juveniele) komen pronken in de hoop te kunnen paren. Uiteindelijk zal slechts 1 mannetje (met de mooiste dans) paren met alle vrouwtjes, doch buiten zicht, diep in de groene boomkruin. Het schouwspel duurt ongeveer een uur, dan wordt het stil. Op de terugweg zien we de mimic honeyeater (Reichenbachs honingeter) en kort de Raja Ampat pitohui (Raja-ampatpitohui) in het bos. We sluiten de wandeling af met (gebakken) banaan, koffie en thee. Op de terugweg naar Raflow Resort nog enkele vogelstops: coconut lorikeet (regenbooglori), yellow-faced myna (Papoeamaina), eclectus parrot (Molukse edelpapegaai), rainbow bee-eater (regenboogbijeneter), sacred kingfisher (heilige ijsvogel), Torresian crow (Australische kraai), Pinon’s imperial-pigeon (Pinons muskaatduif), Brahminy kite (Brahmaanse wouw),  sulphur-crested cockatoo (grote geelkuifkaketoe), Eastern osprey (Australische visarend). Nog een douche na de laatste zweetkuur-wandeling en lunch om 12 uur. Onze ‘botten’ laten we met geur en al achter ons, de lokale chauffeurs zijn blij, wij ook. Van buiten kan je ze schoonmaken, de modder binnenin is bron van olfactorische uitdagingen.

We beginnen aan onze terugtocht om 12u30, vandaag te beginnen met de overtocht per ferry naar Sorong. De tocht duurt twee uur in een overbevolkte ferry, eerder aftands en met een zweetgeurtje. Onderweg krijgen we earthquake alarm (6 op schaal van Richter), tussen Waigeo en Sorong; niets gevoeld, ook geen tsunami-alarm. Aan wal gaan we met drie (Lieven, Stijn en ik) nog naar de mangroves van Sorong voor een laatste birdwatch: brown-backed honeyeater (bruin-witte honingeter), orange-fronted fruit dove (goudvoorhoofdjufferduif), white-bellied thicket fantail (witborstwaaierstaart), littlekingfisher (Papoea-ijsvogel). Tevens zien we een mud creeper (modderkruiper) zich onder water terugtrekken met enkel nog zijn hoofd boven water. Bij valavond trekken we naar SwissBel Hotel. De dag wordt afgesloten in een heerlijk visrestaurant aan de haven (gegrilde vis, veel frietjes met mayonaise, twee ‘beer towers’). Om 22 uur in bed.

Op om 4u30, inpakken, ontbijten en wegwezen, richting Jakarta. Vlucht Sorong – Jakarta om 9u15 (duur 3 1/2 uur, aankomst iets voor 10 uur, 2 uur tijdsverschil). Om 19u30 vlucht naar Amsterdam met tussenstop in Kuala Lumpur (duur  1 1/2 uur en 12u15min – totaal plus tussenstop (in- en uit) 16u05min) met aankomst in Amsterdam op 28 juli om 6u35. Terug thuis om 12u15, moe maar voldaan met nieuwe en versterkte oude vriendschapsbanden en met heel veel nieuwe soorten vogels. Een heel buitengewone reis, een reis met indrukwekkende impressies ! om lang over na te vertellen.