14 juli 2026

Reisverslag expeditiecruise naar Spitsbergen: de magische North Atlantic Odyssey en IJsberenspecial

De North Atlantic Odyssey… een expeditiecruise van Vlissingen in Nederland helemaal tot Spitsbergen in het hoge noorden. Met voorsprong de meest noordelijke reis die je bij STARLING kan maken. Jörg en Dörte Hamann hebben lang uitgekeken naar deze trip en mochten die uiteindelijk aan boord van de Ortelius maken. We stuurden gids Joachim Pintens mee op de boot om de crew bij te staan bij het spotten van wild op het dek. Een taak die hij met verve vervulde. Zoek een comfortabel plaatsje uit en geniet van deze prachtige reis naar het noorden. Laat je meeslepen door de mooie beelden en droom weg bij de gedachte om oog in oog te staan met een ijsbeer. Dit is de North Atlantic Odyssey op zijn best. 

 

Maandag 25 mei – Vertrek Vlissingen!

Vandaag vertrekken we! Een reis waar we zo lang naar hebben uitgekeken. De koffers staan op springen van alle optiek en warme kleren. Wij nemen de doorgaande trein naar Vlissingen, waar bussen wachten om ons naar de boot te brengen, uiteraard pas nadat wij kennis hebben gemaakt met onze Belgische medereizigers. Met 26 graden Celsius zou je bijna niet geloven dat het een reis naar arctische wateren wordt. De bemanning verwelkomt ons zeer vriendelijk aan boord van de Ortelius. Na het betrekken van de hutten volgt de verplichte uitleg over veiligheid en een korte drill. Hierna duurt het even, maar dan gaan toch echt de lijnen los en varen wij langs de kade van Vlissingen en stranden vol mensen in het warme avondlicht de zee op. Vele tientallen windmolens steken uit een gelige inversielaag boven het water. Niet veel later, om 21:45 uur, verdwijnt een grote, oranje zon in zee, recht voor ons – de weg wijzend naar het noordwesten …

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

 

Dinsdag 26 mei – De Noordzee over

Onze eerste volle dag op zee is zonovergoten. Bij weinig wind en een rustige zee staan wij met blote benen en een laag zonnebrand urenlang op het dek. Vrij snel verschijnen groepen drieteenmeeuwen, jan-van-genten, noordse stormvogels, zeekoeten en alken rond het schip, een beeld dat de hele dag nauwelijks verandert, maar wel geregeld onderbroken wordt door bruinvissen, dolfijnen en zelfs een eerste dwergvinvis. Het is een mooie start, en wij genieten van de natuur, het comfortabele schip en het fantastische eten.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

 

Woensdag 27 mei – Aberdeen

Bij het naderen van Aberdeen hangt een geur van waterstofsulfide boven het rustige water. De zee zit vol zeekoeten van de nabije zeevogelkolonies. Een eerste kleine jager kruist langs het schip gevolgd door enkele noordse pijlstormvogels op afstand. In de verte ontdekken wij twee dwergvinvissen. Een loodsboot sleept ons de haven in waar veel schepen liggen, speciaal gebouwd voor de ondersteuning van olieplatforms en windmolens op zee. De Granieten Stad met haar kwartmiljoen inwoners oogt wat rommelig.

Wij bezoeken twee natuurgebieden in het noorden, maar niet voordat wij langs het pompeuze Trump Golf Resort zijn gereden. Het Forvie Reservaat gelegen aan de Ythan reivier herbergt eiders, kolonies van meeuwen en zowel grote, noordse als dwergsterns. In de monding van de rivier zwemt een tiental grijze zeehonden soms weinige meters voor ons op en neer. Het gebied vult onze lijst aan met o.a. steltlopers en zangvogels. Hierna rijden wij verder naar de Bullers of Buchan – een kilometerslange klif met enorme aantallen broedende drieteenmeeuwen, zeekoeten, alken en noordse stormvogels. Snel vinden wij de eerste papegaaiduikers – knalbont en mooi in interactie met elkaar. Het broedseizoen staat nog aan het begin, en eieren zijn nog nauwelijks te zien. Wij genieten van de enorme aantallen zeevogels, de tuimelaars in het water en het prachtig bloeiend landschap onder de zon! Onze laatste stop is Footdee, een kunstenaarswijk grenzend aan de haven van Aberdeen – schattig en zeer British. In Aberdeen komt de 2e helft van alle reizigers aan boord. ’s Avonds verlaten wij de haven op weg naar het noorden en de kou.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

 

Donderdag 28 mei – Foula

Een beetje grappig is het wel – heb ik dagenlang de waarnemingen op Fair Isle gevolgd, blijkt de pier in onderhoud te zijn en varen wij door naar Foula, 180 km verderop. Niet getreurd, 12 soorten zeevogels broeden hier waaronder (vaal) stormvogeltjes, maar vooral is Foula the world capital of Bonxies. En inderdaad, bij het naderen van het eiland komen de eerste grote jagers in beeld. Andere vogelaars (helaas ik niet) zien ook 2 stormvogeltjes. Maar dan komt de teleurstelling. Terwijl wij op het prachtige eiland steeds meer details kunnen ontwaren duidt zich aan dat men het niet aandurft de zodiacs te water te laten. Swell en golven lijken ons niet extreem, maar op de beoogde landingsplek blijkbaar wel. Erg jammer! Alternatief is het cruisen langs de vogelkliffen aan de noordkant van het eiland. En deze zijn werkelijk indrukwekkend! Duizenden noordse stormvogels en papegaaiduikers en honderden jan-van-genten broeden op de imposante, op een na hoogste, kliffen van de UK. Regelmatig komen grote jagers in beeld, over de dag verdeeld een stuk of 20. Een harde katabatische (prachtig woord ☺) valwind maakt de scène extra imposant en verzoent ons enigszins met de gemiste wandeling over het eiland. Laat in de middag verlaten wij de wateren rond Foula om koers te zetten naar het noorden voor de lange vaart naar Jan Mayen. Ik blijf vogels spotten tot de zon ondergaat.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

 

Vrijdag 29-30 mei – Onderweg naar Jan Mayen

We varen noordwaarts naar het Noorse eiland Jan Mayen, 300 zeemijlen ten noordoosten van IJsland – twee volle dagen op zee. Gedurende de eerste dag verandert het weer van zonnig en mild naar regenachtig en winderig. Nog voor dat gebeurt zien wij een prachtige groep van zeker wel 10 orka’s – mannetjes, vrouwtjes en een kalf – naast de boot vermoedelijk op jacht naar haring. De telelenzen staan dicht aan dicht, want niemand wil deze knaller missen. Aansluitend heerst alom blijdschap.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

De dag wordt verder opgeluisterd met lezingen over fotografie, wolken en het water (0.02% van alle massa) op aarde. ’s Middags wakkert de wind aan tot een flinke storm die alle contouren vervaagt en de boot doet krengen. Wij bevinden ons dan ten oosten van IJsland (oranje kleur op de windkaart). Ik neem een foto vanuit mij vaste plek boven het voordek, hetgeen mij op een flinke Atlantische douche komt te staan. Pilletjes tegen zeeziekte worden geslikt, en veel medereizigers verdwijnen op toilet, in hun kamer of allebei. Bij het avondeten is het opvallend stil, en even later gaan overal de kaarsjes uit.

 

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Over nacht is de storm gaan liggen en hervinden de meeste opvarenden hun krachten. Wij besteden de dag aan speuren naar zeezoogdieren en vogels en uitzoeken van de honderden foto’s op onze camera’s. Groepen van 5 en 10 orka’s, 2 en 3 gewone vinvissen, 2 bultruggen en 7 witsnuitdolfijnen zijn de stoerste waarnemingen. Noordse stormvogels zijn onze vaste begeleiders en steeds weer duiken verschillende jagers op. Onze 27-jarige gids Joachim is bloedfanatiek en wil geen waarneming missen. En met zijn gestabiliseerde 14x Kite-verrekijker ontdekt hij ook verreweg de meeste dieren als eerste, geholpen door een gids van Birding Breaks en een aantal medereizigers met scherpe ogen. De gidsen van Oceanwide hoeven weinig te doen …

 

Zondag 31 mei – Jan Mayen

In de ochtend arriveren wij bij Jan Mayen. Het eiland ligt pal voor ons in een mix van oceaanblauwe, basaltgrijze, ijzerrode, mosgroene en sneeuwwitte tinten. Het weer en de deining zijn rusting, en zo gaan de zodiacs na het ontbijt het water in. Wij landen in Kvalrossbukta – een wijde bocht met op het zand Russisch drijfhout, enkele walvisbotten en 3 Noorse hutjes. Over drijfhout konden de walvisvaarders niet of nauwelijks beschikken, want het zijn gezaagde stammen uit industriële houtkap, die gevlot worden op de grote stromen van Siberië en soms zelfs met het ijs over het poolgebied driften. Het gezaagd hout daarentegen, met gaten van kevers die niet in de Toendra voorkomen, heeft de Golfstroom hier naartoe vervoerd.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

De Noorse station commander verwelkomt ons vriendelijk en geeft wat uitleg. Wij mogen ons vrij bewegen op het eiland, wat blijkbaar niet elk jaar het geval is. Na de bocht en het kleine monument voor de dappere Hollandse walvisvaarders te hebben verkend, wandelen wij op de brede, onverharde hoofdweg omhoog naar een vrij groene vogelklif, waar papegaaiduikers en kleine alken aan- en afvliegen en de lucht gevuld is met noordse stormvogels en enkele grote burgemeesters. Hierna volgt een vlak met vulkanisch basaltgruis dat zich langs de zee uitstrekt tot de met sneeuw en ijs bedekte Berenberg in het Noorden. Wij slaan af richting kust en lopen langs drijfhout en schaarse bloemetjes (lepelblad, steenbreek, Alpenzuring) tot een rots, waar we tot op enkele meters bij broedplaatsen van de kleine alken komen en deze prachtig kunnen fotograferen. De aandoenlijke vogels tonen zich op hun best en zorgen alom voor blijde gezichten.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Brandganzen, bontbekplevieren, bonte strandlopers en sneeuwgorzen completeren het lijstje vogels. Terwijl wij flink veel foto’s nemen, loopt een ander deel van de groep door tot de centrale nederzetting van de Noren. Rond lunchtijd gaan wij terug, en licht het schip het anker. Om ons geluk perfect te maken dunt de zon de resterende wolken verder uit, en presenteert de 2,277 m hoge Beerenberg – de meest Noordelijke actieve vulkaan op arde – zich in al zijn sneeuwpracht. Iedereen staat aan boord om van dit kennelijk zeldzame schouwspel te genieten. Wij varen langs twee gletsjers en zien een voor dit afgelegen, desolaat eiland bijna onnatuurlijk spel van zee en licht. Wat een fenomenale dag en eerste kennismaking met de arctische flora en fauna!

© Dörte & Jörg Hamann

 

Maandag 1-2 juni – De pakijszone voor Groenland

In de ochtend hebben wij de 74ste breedtegraad gepasseerd. Op een Turner-achtig verlichte, redelijk rustige zee zetten wij onze vaart voort richting het Groenlandse pakijs. Een vage mist steekt op en laat ons denken aan de vroege walvisvaarders in deze eenzaamheid. Wij hebben ondertussen flink wat walvissen gezien, met gistermiddag nog diverse groepen noordelijke butskoppen, maar heel dicht bij de dieren komen of deze lang volgen zat er nog niet in. Hoe kwamen zij bij hun vangst? Na de lunch volgen wij de (dagelijkse) lezingen – vandaag heel toepasselijk over ijs en de ijsbeer. Wij zijn er klaar voor!

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Weerkaatsend wit licht kondigt het pakijs aan, dat wij vroeg in de middag op 75,3° N.B., 275 km voor de Groenlandse kust, bereiken. De temperaturen schommelen ondertussen rond het nulpunt, en iedereen trekt de warme kleren aan. Het is een opwindend moment om het ijs binnen te varen. Zadelrobben wachten ons nieuwsgierig op, samen met ‘kitt-i-waake’ schreeuwende drieteenmeeuwen. De ijsschotsen zijn dicht gepakt en schijnen in alle tinten sneeuwwit en waterblauw. De hemel erboven is grijs, een indruk die dramatisch wordt versterkt toen een spierwitte ivoormeeuw ver weg in beeld verschijnt en de harten van alle vogelliefhebbers sneller doet slaan. Wij vergapen ons aan het ijs en scannen ononderbroken de horizon voor het gele wit van een ijsbeer, maar vandaag zonder succes. Wel zien wij meermaals voetsporen op de schotsen. En wij zien de ondersoort mandtii van de zwarte zeekoet, naast kleine alken en kortbekzeekoeten.

De avond wordt opgeluisterd door een barbecue op de helikopterlandingsplek op het achterdek van het schip. Het is een prachtig idee om de aankomst in het pakijs te vieren door met iedereen buiten te eten. Binnen onze groep en ook richting het andere gezelschap is het aangenaam gezellig, en de bemanning trekt opnieuw alles uit de kast om de reis voor iedereen een bijzondere belevenis te maken. Hierna drinken wij nog enkele glaasjes rum in de lounge, terwijl buiten de nevel vat heeft op het ijzig landschap.

’s Nachts heeft het schip het pakijs verlaten en is naar 76,3° N.B. (ca. 110 km noordelijker en 350 km voor de Groenlandse kust) gevaren. Hier begeven wij ons in de ochtend weerom tussen de ijsschotsen. Het is fascinerend hoe moeiteloos de Ortelius deze ijsvlakken van soms 50 m breed en tenminste 1,5 m hoog opzij schuift of breekt. Soms liggen de ijsschotsen dicht gepakt, dan drijven ze weer los van elkaar op het water. Alles is water beseffen wij – de zee, het ijs, de miezer en de mist. Het zicht wisselt, maar is niet geweldig. Toch turen wij urenlang naar het ene vlekje geel tussen al het wit. Wij zien een prachtige zadelrob, opnieuw een ivoormeeuw op grote afstand, donkere noordse stormvogels en zelfs twee rustende bonte strandlopers op het ijs, maar de koning van het pakijs houdt zich helaas verborgen. En zo eindigt onze tweede dag in het pakijs met fascinatie en toch ook een vleugje teleurstelling. Moe van de vele uren op het voordek gaat iedereen snel slapen.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

 

Woensdag 3 juni – Oversteek naar Spitsbergen – Poolepynten

‘s Nachts hebben wij de koers naar Spitsbergen ingezet. De temperaturen liggen hoger nu wij het pakijs hebben verlaten. In de ochtend begroet ons een paarse strandloper op het helikopterdek – rond en prachtig in zijn zomerkleed. Na het ontbijt volgen wij een boeiende lezing over Fridtjof Nansen en zijn expeditie naar de Noordpool met de Fram. Welhaast onvoorstelbaar wat hij en zijn mannen op hun drift door het poolijs hebben meegemaakt! Op het moment dat de zeebodem richting Spitsbergen minder diep wordt zien wij enkele blows en kunnen tenminste een gewone vinvis duidelijk herkennen. ’s Middags, na een lezing van Sasha over zijn jaren als bewaker en Johnny Depp van de Russische nederzetting Pyramiden, bereiken wij Poolepynten, gelegen op Prins Karls Forland – een bekende locatie voor walrus. En ja, al op grote afstand zien we ze liggen! De zodiacs gaan te water en in drie groepen mogen wij de kolossen benaderen en uitgebreid fotograferen – 7 aan land en 3 in het water. Zij kijken geïnteresseerd, maar niet echt begrijpend uit hun bloedrode ogen. En zeker in het water met hun wisselende gelaatsuitdrukking hebben ze iets moois. Deze bejegening zullen wij zeker nooit vergeten. Op het strand en de daarachter gelegen lagune zitten ondertussen paarse strandloper, een prachtig rode kanoet, roodkeelduikers en ijseenden.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

 

Donderdag 4 juni – Alkhornet

De volgende ochtend worden wij wakker voor de enorme, 428 m hoge vogelrots Alkhornet, waar duizenden drieteenmeeuwen en kortbekzeekoeten rond de in mist gehulde top zweven. Hun poep voedt de bodem en laat toendra groeien. Al vanaf het schip horen wij sneeuwgorzen zingen. Aan land zien wij ze overal in hun prachtkleed, maar ook een paartje kleine jagers op de grond, enkele Spitsbergenrendieren, nog met wintervacht maar alvast nieuwe geweien, en een eerste poolvos. In het zuiden, aan de overkant van het water, ligt de Russische nederzetting Barentsburg, ooit gesticht door Nederlanders en later verkocht aan de Sovjetunie.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

’s Middags verkennen wij met de zodiacs de bocht van Trygghamna, vroeger een veilige haven voor walvisvaarders. In het noorden eindigt een enorme gletsjer. Op de ijsvlakte daarvoor liggen enkele ringelrobben en aan de kant zitten zwarte zeekoeten, koningseiders en gewone eiders. Wij tellen meer dan 50 koningseiders, veelal paartjes, en bewonderen de nogal overdreven kleurrijke mannetjes. De camera’s zijn overal in actie, ook voor de beeldige zwarte zeekoeten (in het Schots Tystie).

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Voor de meeste reizigers is dit de laatste avond, en zo bedanken wij de staf en zij ons, en zien wij een mooie video van onze reis gevolgd door een heerlijk afscheidsdiner. Tot de roep ‘beloega!’ de rust in de lounge verstoort. Overal in de bocht zien wij deze witte walvissen en soms ook hun donkere jongen zwemmen. Het zijn er zeker 20, misschien veel meer. De zonovergoten ijsfjorden met witte stippen van beloega’s omlijst door besneeuwde bergen is een prachtig gezicht …

© Dörte & Jörg Hamann

 

Vrijdag 5 juni – Aankomst/Vertrek Longyearbyen

Bij de kolenpier van Longyearbyen nemen wij afscheid van de rest van onze groep en gaan van boord voor een dagje stad, terwijl de bemanning het schip klaar maakt voor de aansluitende reis. Een bus brengt ons naar het centrum van het stadje, van waaruit wij een ronde lopen langs de Lutherse kerk en de kolenkabelbaan centrale. In café Huskies lunchen wij alvorens het mooie en informatieve Svalbard Museum te bezoeken. Om 16 uur ontmoeten wij bij de toeristenpier de reizigers, die voor de tweede deel van onze reis, de ijsberen special, aan boord komen. Regelconform ondergaan we opnieuw alle uitleg en veiligheidsoefeningen tot wij vertrekken, uitgezwaaid door vijf walrussen die bij de kolenhaven op het strand liggen.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Zaterdag 6 juni – Raudfjorden

In de ochtend bereiken wij het Noordwesten van Spitsbergen. Hier ligt het pittoreske Raudfjorden, het Rode Fjord, 20 km lang en omgeven door witte, spitse bergen en meerdere gletsjers. Wij verkennen Hamiltonbukta met de zodiacs. Het hoge vogelklif hier is broedplaats voor grote aantallen drieteenmeeuwen en kortbekzeekoeten. Onderaan de klif lopen twee poolvossen elkaar tegen het lijf om vervolgens een halve kilometer over het sneeuwveld achter elkaar aan te jagen. Wij volgen ze en keren daarna terug naar de bocht. Op het water zitten veel kortbek- en zwarte zeekoeten. Kleine rondgeslepen eilandjes en drijvend ijs van de gletsjers completeren het betoverende, zonovergoten panorama. Wij nemen foto’s van de alken, noordse sterns en een tweetal baardrobben. Na de lunch wandelen wij over het schiereilandje Buchananhalvøya. Het hoogste punt op ca. 150 m biedt een prachtig uitzicht over Raudfjorden. De temperaturen zijn aangenaam en vermoedelijk té hoog voor de omliggende sneeuwvlaktes en gletsjers. Op de terugweg zien wij liefst drie witte Alpensneeuwhoenders, een andere droomsoort van deze reis.

Tijdens het avondeten is het schip teruggevaren naar het eiland Amsterdamøya in de noordwestelijke hoek van Spitsbergen, vlak bij Smerenburg. En daar, op een sneeuwvlak aan het strand, zijn ze – drie prachtige ijsberen. Blijkbaar had de bemanning iets gehoord van een ander schip. De dieren liggen op enige afstand van elkaar languit op hun buiken en zijn prima te zien ondanks de afstand van ~700 m. Alleen voor een korte plaspauze gaat een van heen staan. Het is een magisch moment om deze drie kolossen, waar wij al vele uren naar hebben gezocht, te zien. Het droomdier van deze reis! Op het strand liggen ook nog 14 walrussen. Roodkeelduikers en grote burgemeesters completeren het beeld.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Zondag 7 juni – Lomfjorden

Vandaag varen we de Straat van Hinlopen binnen, een zeestraat tussen West-Spitsbergen en Nordaustlandet. Als eerste staat een wandeling bij Faksevågen op het programma in groepen ingedeeld van ‘op het gemak’ tot ‘inspannend’. Met de snelle lopers gaat het naar boven de heuvels op. Op veel plaatsen ligt nog een halve meter sneeuw met soms smeltwater daaronder. Wij ontmoeten diverse Alpensneeuwhoenders, baltsende paarse strandlopers en een poolvos. De fjorden zouden eigenlijk nog dichtgevroren moeten zijn rond deze tijd. Het zee-ijs geeft een soort kick-start aan de arctische zomer, waar veel soorten van profiteren.

Tijdens de lunch hebben wij de rand van het vast ice bezocht aan de uitgang van Lomfjorden en ons aansluitend vanuit deze wereld in wit verplaatst naar Alkefjellet, de Alkenberg. Deze is bij aankomst echter in mist gehuld. Toch gaan de rubberen boten te water en de nevel in voor een verkenning van de enorme kolonie met 60.000 paar kortbekzeekoeten. Er is niets overdreven. De basaltrotsen zijn dicht aan dicht bewoond door gigantische hoeveelheden kortbekzeekoeten en drieteenmeeuwen. Elke richel lijkt bezet, zo dicht dat vogels regelmatig ervan afglijden. Wij kunnen de zeekoeten op weinige meters benaderen, hetgeen alle zintuigen activeert. Kijkend langs het klif hangen duizenden vogels als muggen in lucht. Het is een fascinerend schouwspel. Net aan het einde komen twee poolvossen in beeld, die hun best doen om ons te vermaken. En daarmee is het nog niet voorbij. Tenminste zeven beloega’s zwemmen opeens tussen de boten en het strand, en wij krijgen de kans deze op weinige meters afstand te bewonderen, waarbij de witte lichamen ook onder het wateroppervlak zichtbaar zijn. Wat een onvoorstelbare waarneming weer! Opnieuw verzadigd met indrukken van de arctische natuur gaan wij terug naar ons schip voor het avondeten en het selecteren en bewerken van alle foto’s.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

 

Maandag 8 juni – De Zeven Eilanden (Sjuøyane)

Ten Noorden van Nordaustlandet varen wij naar het meest noordelijke punt van Spitsbergen – Sjuøyane, oftewel de Zeven Eilanden gelegen boven 80 graden N.B. Bij aankomst zwemmen twee walrussen langs het schip, maar wordt ook uitgekeken naar ijsberen, die hier vaak rondhangen. En ja – er zit een op Martensøya, hetgeen betekent dat wij gaan varen i.p.v. wandelen. De beer is al vanuit het schip te zien en komt steeds beter in beeld naarmate we het eiland naderen. Het is een groot mannetje dat languit in de sneeuw ligt. Soms kijkt hij even naar ons, maar ook niet meer dan dat. Wij varen erlangs en nemen foto’s tot de beer ineens een aantal meters naar beneden schuift. Dat is grappig om te zien maar boeit de beer geenszins. Even later wordt de komst van een tweede beer gemeld die een vlakbij gelegen helling met sneeuw meer naar beneden glijdt dan loopt. Blijkbaar een actie waar veel dierenfilmers van dromen. Het dier is duidelijk kleiner en meteen goed in beeld. De zichtbare tepels wijzen op een vrouwtje dat al eens jongen heeft gehad en dus meer dan 6 jaar oud is. Zij loopt langs het water tot ze het veel grotere mannetje waarneemt en om hem heen loopt richting een plek aan het water waar twintig grote burgemeesters zitten, maar wij nog geen prooi hebben kunnen ontdekken. Zij wel – een dode walrus in het water. De berin loopt erop af en trekt stukken blubber uit het karkas die ze vervolgens enkele meters het strand op draagt en daar verslindt. Dat herhaalt zich tot het mannetje in beeld verschijnt, voor het vrouwtje het signaal om zich uit de voeten te maken. Dat doet ze zwemmend richting het nabijgelegen eiland Phippsøya. Bij een zwemmende beer moeten de zodiacs meer afstand in acht nemen, en zo trekken wij ons terug van dit fantastisch berenschouwspel van bijna 2 uur. Langs Phippsøya varen wij terug naar het schip en zien onderweg nog een paar kleine jagers voedsel afpakken van een drieteenmeeuw.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Tijdens de lunch verplaatsen wij ons een stuk naar het zuiden en passeren hierbij een klein eilandje waar 115 walrussen dicht-aan-dicht vertoeven. Vermoedelijk het voedselreservoir voor onze twee ijsberen. De Walrus doet het goed op Spitsbergen met dank aan de toename van de gewone mossel. Op het eiland Chermsideøya doen wij onze dagelijkse wandeling. De lange wandeling loopt een beetje uit de hand. Zeven kilometer zijn we in onze rubberen laarzen onderweg over nogal steile sneeuw- en rotshellingen. Dat is duidelijk meer dan gepland, en zo komen wij laat maar voldaan aan bij de zodiacs.

 

Dinsdag 9 juni – Liefdefjorden

Opnieuw een zonovergoten dag. Vroeg vaart het schip Liefdefjorden binnen voor een bezoek aan de Monacogletsjer. Het ooit vijf kilometer lange ijsfront gevormd door meerdere gletsjers – vernoemd naar de dochters van de Spitsbergen beminnende en bereizende vorst – is ondertussen niet meer verbonden. Wij zien enorme drijvende ijsbrokken in alle tinten tussen sneeuwwit en waterblauw stralen. Daarop en daarrond zitten beloega’s, baardrobben, drieteenmeeuwen en noordse sterns. Zij profiteren allemaal van het rijke voedselaanbod langs de afbreuklijn van de gletsjers. Even later wordt wederom een ijsbeer ontdekt, mooi wit op een drijvende ijsschots. Hij kijkt, gaapt en gaat liggen; wij kijken, fotograferen en genieten. Dit prachtige, jonge dier is nummer 6 op onze reis!

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

’s Middags blijven wij in Liefdefjorden voor de dagelijkse wandeling rond Texas Hut, een voormalige verblijfsplaats van een stel trappers, dat hier in de winter vossen ving. Het gezelschap werd weer verdeeld in groepen op basis van de te leveren inspanning. Wel prettig dat wij nu dagelijks de kans kregen om te gaan wandelen. En voor wie wil ook nog een arctische duik te doen, deze keer opgeluisterd door een huwelijksaanzoek binnen een jong Nederlands stel – heel toepasselijk in Liefdefjorden ☺.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

In de avond varen wij langs Moffen, een vlak eiland dat bekend staat voor walrussen en de hier broedende vorkstaartmeeuwen. Wij zien het baken al op 20 km afstand, en vanuit 10 km komen de walrussen goed in beeld – uiteindelijk zijn het een stuk of 300! Met de vogels is het moeilijker. Veel noordse sterns vliegen er rond en jagers, maar alleen een medereiziger en ik zien 2 á 3 vorkstaartmeeuwen op afstand en met nauwelijks details. Ondertussen staat het voordek helemaal vol voor de walrussen. Na een half uur moeten wij alweer weggaan bij het eiland zonder er echt omheen te mogen varen. Het blijft wat onbevredigend dat wij bij zowat de enige broedplaats in Europa niet meer dan een vage glimp van de vorkstaartmeeuw hebben kunnen opvangen …

 

Woensdag 10-11 juni – Naar de rand van het arctisch pakijs

We varen rechtstreeks in noordelijke richting door arctische wateren het pakijs in. Verder dan deze 81,5° N.B. zullen wij misschien nooit in ons leven komen. Van hieruit is het minder dan 1.000 km tot het Noordpool. Alleen noordse stormvogel, grote burgemeester, drieteenmeeuw, ivoormeeuw, kortbekzeekoet en zwarte zeekoet houden hier nog stand. De samenkomst van warmere lucht uit het zuiden en koudere lucht uit het noorden genereert mist en beperkt het zicht. Gedurende de dag volgt miezer alvorens het opklaart en een mooie middag met goed zicht wordt. De staf en ook wij scannen wederom urenlang de ijsvlaktes, maar dat levert niets meer dan een ivoormeeuw op. Ook tijdens dit deel van de reis wordt de aankomst in het pakijs met een barbecue begroet. Deze keer met aangenamer weer dan in Groenland. Voor de nacht verlaten wij het pakijs. In de ochtend om 6 uur vaart het schip opnieuw het pakijs in. Mist en helder zicht lossen elkaar af in een volledig stil decor. Uit het niets verschijnt er een ontleed robbenkarkas met daarnaast twee ivoormeeuwen, als sprookjesfeeën op audiëntie bij de dood. Nog voor de lunch verlaten wij het pakijs, uitgezwaaid door een ijsbeer in de verte, die maar weinigen zien, en een laatste, roepende ivoormeeuw.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Op de terugreis naar Longyearbyen laten de walvissen zich nog één keer van hun beste kant zien. Twee dwergvinvissen, een groep gewone vinvissen, waarvan een vijftig meter onder de boeg langskomt, en ten slotte een drietal blauwe vinvissen maken het plaatje van de zeezoogdieren op deze reis compleet. Later op de middag volgen de vertoning van de video van deze reis en het captain’s dinner.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

 

Vrijdag 12-14 juni – Aankomst en verblijf in Longyearbyen

Wij nemen afscheid van de Ortelius en haar fantastische crew en verhuizen naar Cool Miners Cabin, de plaats in Longyearbyen waar eerder de mijnwerkers woonden. Dit jaar ging de allerlaatste Noorse koolmijn dicht. Dat horen wij allemaal tijdens een georganiseerde e-biketocht door het stadje. Het weer is helaas tamelijk grijs, en later miezert het de rest van de dag.

Voor zaterdag hebben wij een auto gehuurd, een aftands busje, heel geschikt om de omgeving te verkennen, ook voorbij de stopborden met de ijsbeer erop. Wij beginnen bij de Global Seed Vault, die ons vooral architectonisch aanspreekt. Van daaruit zien wij het veelbesproken zusterschip van de Ortelius, de Hondius, de haven invaren. Wij trekken verder naar het vliegveld en de watertjes bij de nabijgelegen camping waar wij niet lang hoeven te zoeken naar het plaatselijk paartje rosse franjepoot. Wij zien ook een paar kleine jagers in volle actie en nog een andere rosse franjepoot.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Achter het vliegveld begint de route naar Bjørndalen met links en rechts mooie vakantiehuisjes tot aan het einde van de weg! Wij nemen de tijd, alvorens wij in de stad iets eten en daarna de andere kant uitrijden naar Adventsdalen, richting de pas dit voorjaar gesloten laatste actieve koolmijn van Longyearbyen. De route voert langs diverse hondenkennels met daaromheen tientalen eiders en brandganzen die hier bescherming vinden van de poolvos. Dit stuk landschap is minder mooi maar levert toch vijf roodkeelduikers op nesten op naast paarse en bonte strandlopers en nog een rosse franjepoot.

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann

Vele ervaringen en indrukken rijker eindigt hiermee onze fantastische reis naar de Arctis!

© Dörte & Jörg Hamann
© Dörte & Jörg Hamann
Alle beelden op onze website zijn eigen werk en gemaakt door onze deelnemers en gidsen. Wat je ziet geeft dus een realistisch beeld van wat jij zelf kan zien, beleven en fotograferen op onze reizen.